Martinuskerk

Kerkstraat 10, Cuijk
Show on the map
13 September 2025
Overview

Het meest beeldbepalende monument van Cuijk is de imposante neogotische Martinuskerk, gebouwd in baksteen en ingewijd op 11 november 1912 – de feestdag van de heilige Martinus. De kerk verving de oude Martinuskerk, waarvan nu alleen de laat 15e-eeuwse toren nog resteert. Bijzonder is de rechtertoren (de zuidertoren), waarin zich het Cuijkse carillon bevindt. Boven de ingang prijkt een reliëf van Martinus te paard, die zijn mantel deelt met een bedelaar – een symbolisch gebaar dat tot op vandaag resoneert met de gemeenschap. Achtergrondinformatie De Martinuskerk is een neogotische kerk met twee toren. In de kerk bevindt zich het Severijnorgel en een prachtig gebeeldhouwd altaar in neogotische stijl van Van der Geld. De Sint-Martinuskerk is een kerk met een dubbele toren in de Nederlandse plaats Cuijk. De kerk staat aan het Kerkplein in de buurt van de Maas. De Martinuskerk is een Neogotische kruisbasiliek met twee torens die is gebouwd in de periode 1911-1913 naar ontwerp van Caspar Franssen. De schilderingen in het interieur zijn naar het ontwerp van Hans Mengelberg en uitgevoerd door Johannes Cornelis Wilbrink. Het retabel van het hoogaltaar werd door Hendrik van der Geld op eigen initiatief gemaakt voor de Sint-Janskathedraal in ‘s-Hertogenbosch, maar dit kwam uiteindelijk in Cuijk terecht. De zijaltaren en piëta zijn ook van Van der Geld. In 1945 raakte de kerk zwaar beschadigd door oorlogshandelingen van het Duitse leger aan de andere kant van de Maas; de Cuijkse molen en het Cuijkse gemeentehuis raakten ook zwaar beschadigd. De schade kon nog hersteld worden (interieur en exterieur). In 2009 werd begonnen met een ingrijpende restauratie van de kerk en deze werd in 2011 afgerond. Orgel Het orgel in de kerk werd tussen 1525 en 1650 gebouwd in de Waalse traditie van de 17e eeuw, door Andries Severijn. Het bevond zich aanvankelijk in de Benedictijnerabdij Saint-Laurent te Luik, maar toen de Luikse kloosters in 1796 door de Fransen werden gesloten werd het door de Martinuskerk van Cuijk gekocht en in 1804 ingewijd. Sindsdien is het meerdere malen gerestaureerd, voornamelijk door de orgelbouwersfamilie Smits. In 1913 werd het geplaatst in de nieuwe Martinuskerk. In 1955 en 1992 zijn restauraties uitgevoerd door de firma Verschueren. Bij de laatste restauratie werd een reconstructie uitgevoerd om de oorspronkelijke staat van het orgel zo veel mogelijk te herstellen. Het orgel is bij uitstek geschikt voor het spelen van barokwerken. Carillon Het carillon is gegoten door Koninklijke Klokkengieterij Petit & Fritsen uit Aarle-Rixtel. De oorspronkelijke beiaard van 25 klokken hing in de toren bij het gemeentehuis. Na een raadsbesluit is in 2005 besloten om het raadhuisinstrument te verplaatsen naar de zuidertoren van de Martinuskerk. De 3 al aanwezige luidklokken zijn de basis voor de nieuwe beiaard. Het instrument transponeert een kwart omhoog. Het gelui is uitgebreid met twee extra klokken in de reeks Es-F-G-As-Bes en het totale instrument telt 51 klokken aangesloten op het klavier als Bes-C-D-chromatisch tot en met een hoge D. De klokken werden gegoten in de jaren 1951,1955, 1956, 1957 en 2006. De Es-klok is met ruim 1400kg de zwaarste klok van het Cuijkse carillon. De klavierkamer (25 m2), gesitueerd boven de klokken, is voorzien van een oefenklavier, klimaatbeheersing, dubbele beglazing en mag tot de best toegeruste speelkamers van Europa worden beschouwd. Geschiedenis Cuijk bezit een markant silhouet met drie torens: één van het vorige en twee van het huidige kerkgebouw. De sacristie van de huidige kerk werd namelijk tegen de toren aangebouwd die overbleef van de gotische pseudobasiliek uit de periode 1485-1520. Deze oude toren is in het bezit van de gemeente en herbergt sinds 1991 het oudheidkundig museum Ceuclum. De bouw van de nieuwe kerk in neogotische stijl begon in 1911; zij werd op 11 november 1912 in gebruik genomen en de kerkwijding was op 1 mei 1916. Zij is ontworpen door architect C. Franssen uit Roermond. Van 2008 tot 2011 is er een restauratie uitgevoerd aan de kerk. Uit het feit, dat Martinus patroonheilige werd, mag men afleiden. dat de parochie al in de 9de eeuw werd opgericht. Rond het jaar 1000 werd het dekenaat Cuijk gesticht. Het eerste kerkgebouw verrees op de meest strategische plaats van Cuijk: het rivierduin langs de Maas. Hier hadden ook het Romeinse castellum en het kasteel van de Heren van Cuijk gestaan. Deze kerk was opgetrokken uit hout en werd in 1132 verwoest tijdens een strijd tussen de toenmalige Heer van Cuijk Herman en de Graaf van Holland Dirk VI. In 1136 kwam hiervoor in de plaats een Romaanse pijlerbasiliek. Deze brandde in 1480 af tijdens een oorlog tussen Brabant en Gelre, waarna de al genoemde gotische pseudobasiliek werd gebouwd. Na de vrede van Munster in 1648 kwam deze kerk in handen van de protestanten. De Franse bezetting in 1795 zorgde echter voor gelijkheid van godsdienst en bij wet werd geregeld dat de bezittingen van de voormalige staatskerken naar evenredigheid verdeeld moesten worden onder de plaatselijke kerkgenootschappen. In 1799 kregen de katholieken zo hun kerk weer in bezit. Het hoofdaltaar Het monumentale hoofdaltaar is in de jaren 1891 tot 1909 op eigen initiatief ontworpen door de Bossche beeldhouwer Hendrik van der Geld (1838-1914). Hij presenteerde zijn werk als ‘Triptique’. In 1913 was het te zien op de Bossche Tentoonstelling van Kerkelijke Kunst en in hetzelfde jaar kreeg Van der Geld op de Wereldtentoonstelling in Gent het ‘Diplome de Grand Prix’ en een bronzen medaille. Het hoofdaltaar is een groot drieluik hoogaltaar, ontworpen in de Vlaams-gotische stijl van de Iaat vijftiende eeuw. Het is uitgevoerd in eikenhout, In het houtsnijwerk zijn met veel gevoel voor schoonheid tweehonderd figuren afgebeeld. Er zijn bijvoorbeeld elf grote taferelen te zien uit het leven en van het lijden en sterven van Christus. Ook zijn vierentwintig kleine taferelen uit de Heilige Boeken van het Oude Verbond afgebeeld die, als symbolische voorafbeelding, betrekking hebben op de hoofdtaferelen van het Nieuwe Verbond. In het altaar bevindt zich een gesloten, ijzeren tabernakelkast en op de deur daarvan is Christus met de discipelen van Emmaüs afgebeeld, in koper gedreven en verguld. De twee zijaltaren zijn eveneens afkomstig uit het atelier van Van der Geld. De wandschilderingen De kleurige wandschilderingen dateren uit de periode 1933 -1935 en zijn ontworpen in het atelier van H. Mengelberg. Behalve de kruiswegstaties die op de zijwanden zijn aangebracht, zijn er op de achterwand, op het koor en hoog langs de wanden vele voorstellingen te zien van figuren uit het Oude en Nieuwe Testament en de kerkgeschiedenis: aartsvaders, profeten en pausen. De uitvoerder van de schilderingen, J. Wilbrink, liet voor zijn afbeeldingen bij de bouw betrokken personen model staan. De man met de bril, bijvoorbeeld, is de toenmalige pastoor A. Sengers (St.-Gregorius) en architect C. Franssen is afgebeeld met de kerk in zijn handen (St.-Hiëronymus). Het severijn-orgel Het schitterende orgel op het oksaal aan de westzijde van de kerk werd niet voor de Sint Martinuskerk gemaakt. Het instrument dateert uit de zeventiende eeuw en mag met recht een monument van internationale betekenis genoemd worden. Het is afkomstig uit Luik en werd hoogstwaarschijnlijk gebouwd door Andries Severijn. Misschien is het Cuijkse orgel door Severijn gemaakt voor de benedictijner abdij van Saint-Laurent in Luik. Omdat de tooninscripties en de pijpfactuur zo duidelijk Severijns hand verraden, kan hij als maker van het instrument worden beschouwd. Als het Cuijkse instrument uit de kerk van Saint-Laurent afkomstig is, is het waarschijnlijk vóór 1650 gebouwd. De kerkportalen Bij de laatste restauratie van de kerk is de doopkapel weer op de oorspronkelijke plaats in het portaal van de zuidertoren in gebruik genomen. Hierbij zijn weer de originele schilderingen zichtbaar gemaakt. In het portaal van de noordertoren zijn wandborden aangebracht met daarop de namen van pastoors die in de loop der eeuwen in de Martinusparochie hebben dienst gedaan. Zij flankeren het kruisbeeld van Jac Maris, dat in 1957 door de parochie aan de gemeente Cuijk was geschonken bij de opening van het nieuwe gemeentehuis.

Address
Kerkstraat 10, Cuijk

51.7291716, 5.8826436

Enter an address like "Chicago, IL".