Erve Boerrigter
Het dorpshoes kan terugblikken op een lange en rijke historie. Erve Boerrigter in de Marke Lutte speelde al in de late middeleeuwen een belangrijke rol in Twente. In het Markerecht van De Lutte van 1440 staat vermeld: “Varwerck gheheiten des Richtershûis”. Vaarwerk Voorhoven waren een tussenschakel in het inzamelen van inkomsten uit de hofhorige boerderijen van een hoofdhof. Dat verklaart de naam van Vaarwerk in De Lutte als ’n boerenhoeve die oorspronkelijk bij een groter hoofdgoed, vooral bij kloostergoederen, hoorde en ook wel kloostervoorwerk heette. De uitleg van vervoeren (varen) van de opbrengsten naar een hoofdhof past hierbij. Er zijn meerdere erven in Twente met deze naam zoals b.v Scholte Vaarwerk in Tilligte en Hof te Vaarwerk te Lonneker. Holtrichter en boerrichter Een holtrichter was de voorzitter van vergadering van de markegenoten (holtgericht of holtink). De naam verwijst naar een van de belangrijkste functies van de marke: het beheer van de op de gemeenschappelijke grond groeiende houtgewassen en de dreigende teloorgang daarvan. In 1560 blijkt dat de hofmeijer van Oldenzaal Evert Ketwyck van de Spanjaarden o.a. in pandschap krijgt: – “den hoff Vaerwerck alias Buyrrichtershuys mit den holtgerichte van de Lutten”. Het holtrichterschap van de Lutte was toen nog verbonden aan het erve Vaerwerck alias Boerrigter. Maar na het vertrek van de Spanjaarden besluiten de Staten van Overijssel op 8 september 1626 tot rigoureuze maatregelen tegen de katholieken. Belangrijke ambten in Overijssel worden verdeeld onder de gereformeerden. Waarschijnlijk hebben de Staten van Overijssel bij Evert Ketwich het pandschap van o.a. het erve Vaerwerck alias Boerrigter ingelost en krijgen zo het erve met de daaraan verbonden rechten in handen. Maar de bewoners van het erve Vaerwerck blijven katholiek. Om nu te voorkomen dat een niet gereformeerde een belangrijk ambt zou gaan bekleden, krijgt het erve Vaerwerck het ambt van het holtrichterschap niet terug. Het ambt van holtrichter wordt daarna bekleed door gereformeerde edellieden. Die staan te dringen om dit ambt te vervullen. Het geeft hun macht en aanzien. Waarschijnlijk omdat De Lutte een belangrijke marke was, is het holtrichterschap in De Lutte altijd vervuld door de Landrentmeester, als plaatsvervanger van de Landdrost zelf. Zo verliest het erve Vaerwerck het holtrichterschap. De bewoner moet wel de controle op de naleving van de regels en besluiten van de holtrichter uitvoeren. Voor die beperkte rol van het erve Vaerwerck wordt voortaan alleen nog de term boerrichter gebruikt. Het erve Vaerwerck gaat uiteindelijk Boerrichter heten. Van boerenerve naar dorphoes De huidige erve is vanaf 1887 herbouwd als een boerderij met driekapsschuur. De boerderij is in 1984 door de gemeente Losser aangekocht en daarna aan de buiten- maar vooral aan de binnenzijde verbouwd. Sindsdien functioneert de boerderij als sociaal-cultureel centrum van het dorp De Lutte. Bron: kaders in het markeboek Tilligte-Lattrop-Breklenkamp en Lemselo, Henk Koop.
Adresse
Plechelmusstraat 14, “de Lutte”